Praktijk voor therapie, coaching & training
                                                    Ont-wikkelen in verbinding met je  ?

Pedagogie & Persoonlijke ontwikkeling & Talent ontwikkeling

blog

Over MONSTERS, KROKODILLEN, SPOKEN en andere nachtwezens???

Geplaatst op 7 maart, 2017 om 15:50

Gjalt

Er was eens een slaapkamer. Hierin ‘woonde’ en sliep een jongetje van 3 die Gjalt heette. In die kamer staat al zolang Gjalt zich kan heugen een bed (zo’n echt grote jongensbed met een Bert en Ernie dekbed), een kast en een boekenplank met zijn mooiste boeken. Iedere avond voor het slapengaan, na het wassen en tandjes poetsen leest de mama van Gjalt een verhaaltje voor. Soms van Lambert de Leeuw, die opgroeit tussen de schapen, soms van Tomke en op andere dagen over Winnie de Poeh of van Langmuts die een held is.

Na het voorlezen mag Gjalt altijd zelf nog even een boekje lezen, waarna hij zelf zijn lampje van Bob de Bouwer uitdoet en gaat slapen.

Op een dag durft Gjalt niet zo goed te gaan slapen. Er zit een monster achter zijn bed. Hij is heel plat want hij kan ook onder het bed. We moeten zachtjes doet want het monster slaapt.

Mama vraagt of we soms even het raam open moeten zetten, zodat het monster naar buiten kan. Dat gaat niet, want het monster slaapt en dan wordt hij wakker. En dat moet niet!

Dan komt de wolf uit het verhaal van Lambert de Leeuw aangeslopen, die zou het monster kunnen opeten. Maar de wolf doet er erg lang over om dichterbij te komen, misschien is hij ook wel een beetje bang.

Gjalt stelt voor om het weg te plagen. Maar eigenlijk durft hij dat niet zo goed, want dan wordt hij vast ook wakker…

Gelukkig slaapt het monster lekker door, maar Gjalt durft niet zachtjes met hem mee te gaan slapen, zodat hij morgen weer weg is. Want overdag zijn monsters niet in slaapkamers, dat weet natuurlijk iedereen...

Mama vraagt of het monster lekker aan het slapen is en of hij mooie dromen heeft. Het monster heeft geen mooie dromen. Eigenlijk vindt Gjalt dat wel een beetje zielig voor het monster.

Heel zachtjes praten mama en Gjalt verder over hoe het monster nou weg kan gaan onder het bed, zonder dat het wakker wordt.

Mama stelt voor om het met Toverstof te proberen. Ze gaat even naar haar eigen slaapkamer en komt snel weer terug met een doosje. Met haar hand pakt ze een beetje Toverstof en met een zacht whoesj-geluid gooit ze het 4x over het monster heen. Het Toverstof zorgt ervoor dat het monster fijn verder slaapt en mooie dromen krijgt. In een van die dromen is de regenboog ook. Het monster klimt op de regenboog en glijdt er aan de andere kant weer af. Na een tijdje gaat de regenboog weer verder. Omdat het monster nog steeds fijn aan het dromen is van het glijden van de regenboog, komt het monster ineens aan de andere kant van de muur waar het bed tegenaan staat terecht.

Gjalt is blij dat het monster niet wakker geworden is en nu ergens anders verder droomt. Mama vraagt hem of hij ook een beetje Toverstof wil voor mooie dromen, maar dat hoeft niet. Gjalt valt gerust in slaap.

Erkenning

Monsters en andere nachtwezens wonen in of bij iedere slaapkamer. Onder of achter het bed, in de kast, op de gang etc, ze worden alleen niet altijd opgemerkt. Ontkennen heeft geen zin, want ze zijn er echt en herkennen is ook lastig, want ze nemen vaak andere vormen aan. Monsters ‘leven’ in het NU.

Ondanks dat monsters ook als een vorm van tijdrekken voor het slapengaan ingezet kunnen worden door een kind, is het ‘gevaarlijk’ om er niet serieus op in te gaan. Deze ‘fantasiewereld’ kan een eigen leven gaan lijden en op een later tijdstip een zeer reële angst veroorzaken. Miskenning of zelfs uitlachen of wegwuiven kan tot gevolg hebben dat een kind zijn angst niet meer durft te verwoorden, wat ernstiger (bijv. slaap/angst)problemen tot gevolg kan hebben.

Neem je kind serieus door door te vragen, te herhalen en oprecht samen naar een oplossing op zoek te gaan.

Creatief

Als je op monsterjacht gaat, is het belangrijk dat je (in verhaal) de juiste kleding en spullen tot je beschikking hebt. Vraag je kind wat je moet / mag doen met het monster en wat je daarvoor nodig hebt. Help je kind als hij te bang is om daarover na te kunnen denken.

In de belevingswereld van je kind vind je de aanwijzingen voor wat er nodig is om het monster aan te kunnen pakken. Wees hierin creatief.

Wat voorbeelden:

- Fan van Bob de Bouwer: gebruik de hamer om een gat in de muur te maken en het monster naar buiten te laten, metsel vervolgens met de specie van Dizzie de muur weer dicht.

-  Fan van Blixem Mc Queen: gebruik Mac om het monster mee naar de Sheriff te vervoeren of gebruik de spionnenuitrusting van Takel…

- Fan van de prinsessen: neem de toverstaf van Rapunzel of het Toverstof van Tinkerbell om het monster te betoveren.

- Fan van Bert en Ernie: neem de duiven van Bert en laat ze het monster naar Verweggistan vliegen. Daar laten ze het monster achter aan het strand, waar hij lekker kan gaan spelen om het bangmaken te verleren.

Vriendelijk

Wees zachtaardig en vergevingsgezind naar het monster toe. Je geeft je kind een voorbeeld van hoe hij omgaat met dingen waar hij bang voor is, dingen waar hij vanaf wil, dingen die hij moeilijk vindt. Als je de hamer van Bob de Bouwer / de uitrusting van Takel / de toverstaf van Tinkerbell /… gebruikt om aan te vallen; het monster neer te slaan of nog erger, creëer je daarmee een nieuw horrorbeeld in zijn hoofd, wat het slapen niet ten goede komt. Bovendien wil je niet dat hij hetzelfde doet als hijzelf een dergelijke situatie later zelf moet oplossen…

Let erop dat je de situatie met het verhaal niet enger maakt dan het al is. Probeer er altijd een sprookje van te maken (goed vs kwaad > jullie - goed vs monster – kwaad) in plaats van monster – kwaad vs jullie nog groter kwaad).

Verbeelding

Zorg dat het verhaal dat je vertelt aansluit bij wat je kind leuk vindt en waar hij tegen opkijkt (‘idool’). Geef je kind de regie over het verhaal. Zorg wel dat het een mooi sprookje wordt, met een goed eind, zowel voor het monster als voor je kind. Denk eraan dat de dingen die je vertelt bij je kind omgezet worden in beelden / verbeelding. Zorg er dus voor dat je je kind een mooi en ontspannen beeld meegeeft.

Op spokenjacht; laten zijn, vangen of wegjagen

Afhankelijk van wat je kind aangeeft, kies je de richting en het doel van het ‘verhaal’. Een erg angstig kind zal zich niet kunnen vinden in het monster dat onder zijn bed verder slaapt. Een dapper en fantasievol kind zal zich misschien wel kunnen vinden in een versie waarin hij een ridder is en het spook in een potje vangt en naast zijn bed zet als trofee.

Als je kind niet in paniek is, probeer door open vragen te stellen de regie bij je kind te laten. Met de vragen die je stelt stuur je al inschattend de richting van het plan, zodat het voor je kind vertrouwd genoeg wordt om uiteindelijk te gaan slapen.

Laat je kind benoemen waar hij bang voor is aan het monster in kwestie. Laat hem aangeven wat hij niet leuk vindt, wat hij wil van het monster, hoe en wanneer.

Geef het monster eigenschappen. Dan wordt het herkenbaarder. Als het monster ook bang is in het donker of zijn moeder kwijt is en zo onder het bed is beland, komt het monster in een heel ander licht te staan.

Is je kind volledig in paniek, neem hem dan op schoot en vertel dat jullie in een enorme bel zitten (bijv. van het bellenblazen), waardoor het monster niet bij jullie kan komen. Troost en kalmeer verder zonder te sussen. Pas als je kind gekalmeerd is, kun je gaan bedenken hoe je het monster aan gaat pakken.

Spokenpreventie

Als je overdag een met je kind praat over de monsters van eerder, kun je eens proberen te achterhalen of er iets is waardoor het monster buiten de kamer zou kunnen blijven. Misschien is het neerzetten van een zelfgemaakt enger monster, een spokenvanger of een beschermengel een (tijdelijke / gedeeltelijke) oplossing van het probleem. Ook hiermee erken je zijn angst en geeft je je kind de regie. Hij is zo geen weerloos slachtoffer meer, maar kan er zelf iets aan doen. Overdag zijn dergelijke situaties minder eng dan ’s nachts, waardoor een kind beter “voorbereid” naar bed kan gaan ’s avonds.

Uiteindelijk kan je kind zo zijn weerbaarheid verder ontwikkelen, wordt de scheiding tussen fantasie en werkelijkheid duidelijker en groeit je kind in zijn zelfvertrouwen. Want als je al die nachtwezens aankan, kun je alles aan!

Probeer er ook achter te komen waar de monsters vandaan komen. Ieder kind heeft een periode waarin hij met monsters worstelt, maar er kunnen situaties zijn waarin er meer aan de hand is, bijv. in combinatie met frequente nachtmerries, extreme paniek, niet alleen durven zijn, etc. Maak je je zorgen of begrijp je het gedrag van je kind niet (helemaal)? Spar eens met andere ouders, raadpleeg internet of neem eens contact op. Neemt een heleboel onrust weg!

TAGS: #opvoeding #angst #slapen #monsters #spoken #opvoeden #ouders #kinderen

CategorieŽn: Geen

Plaats een reactie

Oeps!

Oops, you forgot something.

Oeps!

De woorden die je hebt ingetypt komen niet overeen met de opgegeven tekst. Probeer het nogmaals.

0 reacties

UA-30913147-1